Mone Slingerland
Wie schiet daar toch? Getuigen van de laatste Europese oorlog
Artemis & co
Amsterdam 2012
340 blz.
ISBN 978 90 472 0042 0
€19,95

Joegoslavië-oorlog door de ogen van slachtoffers

Jan Limbeek

Na de Tweede Wereldoorlog waren Europese leiders vastbesloten om te voorkomen dat het ooit nog tot een Europese oorlog zou komen. Men begon diepgaand samen te werken en, geholpen door de Koude Oorlog, verdween oorlog in Europa als denkbaar middel om conflicten te beslechten. Toen de Muur in november 1989 viel, dacht men dat een periode van eeuwigdurende vrede was aangebroken. Niemand had het idee dat de sluimerende tegenstellingen in Joegoslavië konden leiden tot een grootschalige, wrede en langdurige oorlog.

Oorlogen worden meestal beschreven door middel van acties van beleidsmakers, de omvang en aard van militaire manoevres, aantallen doden, gewonden en vluchtelingen, financiële en materiële kosten en dergelijke. Mone Slingerland, die sinds 1993 tien jaar reizend correspondent was voor Het Parool en HP/De Tijd tijdens conflicten in het gebied van het vroegere Joegoslavië, pakte dit anders aan. Eerst in Bosnië-Herzegovina, later in Servië, Montenegro, Kosovo en Macedonië, raakte ze gedurende haar correspondentschap met vele betrokkenen, gewone burgers, bevriend. Door hun ogen en door persoonlijke observaties komt de realiteit van oorlog tot leven.

In Wie schiet daar toch? Getuigen van de laatste Europese oorlog beschrijft ze de ervaringen van haar reizen op het grondgebied van het vroegere Joegoslavië tijdens de hopelijk laatste Europese oorlog. Er komen geen beleidsmakers aan het woord, alleen af en toe een lagere militair.

Hoewel Slingerland haar ervaringen uitstekend inbedt in de politieke situatie van dat moment, waardoor de context altijd duidelijk is, heeft haar aanpak ook beperkingen. Haar vrienden en kennissen, bij wier wederwaardigheden we betrokken raken, zijn meestal van het liberalere en zachtmoedige soort. Tijdens en na de conflicten in voormalig Joegoslavië hebben veel inwoners zich verrijkt of misdragen. Slingereland verzwijgt dit geenszins, maar uit de eerste hand komen we hier niets over te weten. We weten dat er vele profiteurs waren, maar we horen ze niet.

Het is begrijpelijk dat Slingerland niet kon meetrekken met de rooftochten van paramilitaire groepen, maar de visie van deze lieden is ook een essentieel onderdeel van de oorlog. Slingerland noemt hen (terecht natuurlijk) 'moorddadige sadisten', maar we horen ze niet. Ze kiest dus, zonder veel keuze te hebben, partij voor de slachtoffers.

Een ander nadeel van deze aanpak is dat gebeurtenissen waar ze niet bij kon zijn een beetje onderbelicht blijven. Tijdens de NAVO-bombardementen op Servië en Montenegro horen we niets over de ervaringen van haar Servische kennissen. Dit is logisch, want westerse journalisten waren tijdens de NAVO-acties niet welkom in Servië. Wel in het toenmalige andere deel van de Joegoslavische Federatie, Montenegro, van waaruit ze bericht.

Soms, als Slingerland medeleven met slachtoffers toont, laat ze iets zien van vooringenomenheid. Zoals de vergelijking van Bosnisch-Servische sluipschutters op Sarajevo met jagers, die ook in vredestijd lafhartig zijn omdat ze dan op herten schieten die evenmin terugschieten. Of als ze de afgrijselijke resultaten van de Servische paramilitairen in Kosovo van 1999 beziet. Juist omdat ze niet vooringenomen is en afstand houdt, is haar constatering volkomen geloofwaardig dat geen van de gruwelverhalen die ze hoorde van Kosovaarse vluchtelingen in 1999 overdreven was (blz. 245).

Het boek loopt tot en met 2001, tot het Milosevic-tijdperk voorbij is en het laatste gewapende conflict, in Macedonië met Albanese opstandelingen, afloopt. In de laatste drie hoofdstukken horen we hoe het de hoofdpersonen is vergaan. Het blijkt dat ze allemaal afgeven op hun corrupte leiders, of ze nu in Bosnië, Servië, Montenegro of Kosovo wonen. Zelfs de Kosovaars-Albanese guerillastrijder Luan, een commandant bij het UCK, ontpopt zich als een criticus van zijn UCK-leiders. Ze zien ook allen de toekomst somber in, behalve de Albanese Kosovaren.

Ondanks alle ellende houdt Slingerland een bewonderenswaardige afstand. Het is al te makkelijk om een standpunt te verdedigen met behulp van geselecteerde ervaringen ter plekke. Dergelijke boeken zijn vaak vervelend omdat de vooringnomenheid van de bladzijden afdruipt. Gelukkig behoort Wie schiet daar toch? hier niet bij, want anders zou het boek, dat vlot en makkelijk leest, niet zo bijzonder zijn.