Magistraal werk over de Roethenen

Harm Ramkema

Als we het over de Oost-Slavische volkeren hebben, dan denken we onmiddellijk aan de Russen, de OekraÔners en de Wit-Russen. Veel minder bekend is dat ook de Roethenen tot deze categorie behoren.

Roethenen? Waar leven die dan? En waarin onderscheiden ze zich van de andere Oost-Slaven? Welnu, wie de Encyclopedia of Rusyn History and Culture ter hand neemt en gaat lezen, weet straks heel veel over de Roethenen, hun geschiedenis, hun vestigingsgebieden, hun taal en hun cultuur.

Vanwaar die onbekendheid? Die zal voor een deel te maken hebben met het feit dat het een relatief kleine natie betreft - vandaag de dag zijn er ongeveer 1,2 miljoen Roethenen, wier woongebied in het oostelijke deel van de Karpaten is gelegen binnen de grenzen van vier staten: Polen, Slowakije, OekraÔne en (een klein deel van) RoemeniŽ.

Het door Roethenen bewoonde gebied wordt wel Karpatska Roes genoemd. Wellicht vormt die geografische spreiding een tweede reden voor het feit dat we kunnen spreken van terra incognita - de Roethenen hebben nooit een eigen natiestaat gehad.

Een derde reden zou kunnen zijn dat het een relatief jonge natie betreft, waarvan het bestaan na de Tweede Wereldoorlog door de communistische machthebbers in de regio hardnekkig is ontkend. In hun ogen vormden de Roethenen ťťn van de takken van de OekraÔense natie.

En ten slotte drong het bestaan van de Roetheense natie misschien niet tot de westerse wereld door als gevolg van de verschillende benamingen die de Roethenen zichzelf gaven, afhankelijk van de streek waar ze woonden: bijvoorbeeld Lemko (in Polen), Rusnak of Dolyniane (Laaglander, in de zuidelijke uitlopers van de Karpaten).

Ook in westerse talen is de aanduiding van dit volk lastig. In het Engels wordt steeds vaker gesproken over Rusyns, terwijl in het Duits tegenwoordig de term Russinen in gebruik raakt. Deze woorden zijn ontleend aan het Slavische zelfstandige naamwoord Rus (Roes). In Nederland spreken we echter nog steeds van Roethenen, een naam die afkomstig is van de Latijnse meervoudsvorm Rutheni (enkelvoud Ruthenus).

De geschiedenis van het woongebied der Roethenen is zeer gecompliceerd, niet in de laatste plaats vanwege de vele grenswijzigingen in de twintigste eeuw. Maar ook het proces van natievorming verliep buitengewoon grillig.

Tot de Eerste Wereldoorlog woonde het grootste deel van de Roethenen binnen de grenzen van het Koninkrijk Hongarije, terwijl de Poolse Roethenen, de Lemko, na de Poolse deling van 1772 onder het Keizerrijk Oostenrijk vielen. In de Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije werden ze als een afzonderlijke etnische groep erkend, maar het proces van nationale bewustwording dat in de tweede helft van de negentiende eeuw langzaam op gang kwam stuitte in Hongarije op een hevige politiek van magyarisatie.

Na de Eerste Wereldoorlog werd Hongarije gedecimeerd en ging het omvangrijkste territorium van de Roethenen deel uitmaken van de Tsjechoslowaakse Republiek. De officiŽle Tsjechische benaming van het gebied ten oosten van Slowakije was tijdens het interbellum PodkarpatskŠ Rus (in het Engels Subcarpathian Rus), terwijl het gebied bij ons bekend is geworden onder de naam RoetheniŽ.

Van de toegezegde politieke autonomie kwam weinig terecht, maar het Roetheense culturele leven bloeide. Tegelijkertijd vond er echter een strijd tussen nationale oriŽntaties plaats. Aanhangers van drie richtingen probeerden de massa's ervan te overtuigen dat ze Roethenen, Russen dan wel OekraÔners waren.

De Conferentie van MŁnchen van september 1938 had vergaande gevolgen voor Tsjechoslowakije in het algemeen en RoetheniŽ in het bijzonder: het land moest de Sudeten-Duitse gebieden aan Nazi-Duitsland afstaan en het restant werd gefederaliseerd. RoetheniŽ kreeg autonomie, maar de ironie wil dat de premier van het gebied, Avhoestyn Volosjn, een vertegenwoordiger was van de OekraÔense nationale oriŽntatie, die het bestaan van de Roetheense natie ontkende.

In november 1938 annexeerde Hongarije de zuidelijke strook van wat inmiddels officieel Karpato-OekraÔne was gaan heten. Op 15 maart 1939, toen het lot van Tsjechoslowakije werd bezegeld met de inval door Nazi-Duitsland, riep Volosjyn de onafhankelijkheid uit, maar vrijwel onmiddellijk bezetten de Hongaarse legers het restant van RoetheniŽ.

In 1945, aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, volgde - met goedkeuring van de Tsjechoslowaaskse leiders - de annexatie door de Sovjet-Unie. Maar ook de andere woongebieden van de Roethenen in Polen en Tsjechoslowakije kwamen na de oorlog onder communistische heerschappij te staan.

De gevolgen waren groot: Roethenen werden voortaan te boek gesteld als OekraÔners. En de Lemko in Polen werden massaal gedeporteerd naar andere delen van het land.

Na de val van het communisme bloeide het culturele leven opnieuw op. RoetheniŽ is sinds 1991 een provincie van het onafhankelijke OekraÔne, en wel onder de naam TranskarpatiŽ.

In de encyclopedie staan meer dan duizend alfabetisch gerangschikte lemma's, waarvan het merendeel overigens bestaat uit biografieŽn van personen die op een of andere manier (in positieve of negatieve zin) iets met de Roetheense kwestie te maken hebben gehad. Daarnaast zijn er beschrijvingen van organisaties, politieke partijen en tijdschriften, maar er wordt tevens ruimschoots aandacht besteed aan architectuur, kunst, film, taal en literatuur.

Ook de volkeren waarnaast en waartussen de Roethenen hebben gewoond, komen in afzonderlijke lemma's uitvoerig aan de orde. Dat geldt evenzeer voor de Slowaken en de OekraÔners als voor de joden en de Roma.

De encyclopedie beperkt zich overigens niet tot het gebied van de Karpaten, er wordt eveneens aandacht besteed aan de Roetheense gemeenschappen in de Verenigde Staten en ServiŽ (Vojvodina). Om de Roethenen goed te kunnen plaatsen in hun nationale en geografische context, is het zinnig om eerst de uitvoerige stukken over etnografie en geschiedenis te lezen.

In deze encyclopedie zijn geen lemma's over steden en dorpen opgenomen. Dat is jammer, want ik had graag nog wat gelezen over steden als Oezjgorod, Moekatsjevo, Beregovo en Choest. Maar misschien is dat teveel gevraagd: het woongebied der Roethenen telt immers naast de steden vele honderden dorpen en buurtschappen.

De samenstellers van de encyclopedie kunnen tot de grootste kenners van de Roetheense geschiedenis en cultuur worden gerekend, terwijl zij tegelijkertijd ook een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de expressie van de Roetheense identiteit.

Paul Robert Magocsi is als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Toronto in Canada, terwijl emeritus-hoogleraar Ivan Pop onder meer werkzaam is geweest aan de universiteiten van Moskou en Oezjgorod. Zij hebben de meeste lemma's geschreven, terwijl ongeveer 200 stukken van derden afkomstig zijn. Met deze Encyclopedia of Rusyn History and Culture, uitgegeven in groot formaat (23 x 29 centimeter), hebben Magocsi en Pop mijns inziens een magistraal werk over de Roethenen gepresenteerd.


Omhoog
Terug naar archief