Nieuw klein landje

Guido de Graaf Bierbrauwer

Zuid-OssetiŽ, tot voor kort een in het Westen onbekend gebied in GeorgiŽ, was gedurende de korte en heftige oorlog in augustus 2008 tussen GeorgiŽ en Rusland voor sommigen opeens het strijdtoneel van een nieuwe Koude Oorlog tussen Rusland en het Westen. Nu lijkt het weer langzamerhand een vergeten gebied te worden, maar volgens Rusland en Nicaragua wel als onafhankelijke staat. Over de achtergronden van het Ossetische conflict.

Zuid-OssetiŽ is een klein gebied dat ongeveer honderd kilometer ten noordwesten van de Georgische hoofdstad Tbilisi ligt. De GeorgiŽrs refereren naar dit gebied als Shida Kartli, Samachablo, of Voormalig Autonome Provincie Zuid-OssetiŽ. Voor de oorlog tussen Rusland en GeorgiŽ in augustus 2008 woonden er naar schatting 70.000 mensen in Zuid-OssetiŽ. Het was een lappendeken van Ossetische en Georgische dorpen. De Ossetische dorpen werden bestuurd door de facto president Edoeard Kokoity, gesteund door het Russische leger, dat daar gelegerd was als 'peacekeeper'. De Georgische dorpen stonden onder directe controle van Tbilisi en werden beschermd door het Georgische leger.

De oorlog heeft dit plaatje totaal veranderd: er is bijna geen GeorgiŽr meer over in Zuid-OssetiŽ. Vooral de dorpen langs de hoofdweg van de Zuid-Ossetische hoofdstad Tschinvali naar de Russische stad Vladikavkaz in Noord-OssetiŽ zijn vakkundig etnisch gezuiverd. Etnisch gezuiverd, terwijl bijna alle betrokken partijen zullen ontkennen dat het een etnisch conflict is. Hoewel Osseten etnisch verschillen van de GeorgiŽrs - de Ossetische taal is bijvoorbeeld verwant aan het Perzisch - hebben GeorgiŽrs en Osseten eeuwenlang in vrede naast en door elkaar geleefd.

In het verleden zijn er echter ook enkele gewelddadige aanvaringen geweest tussen de Osseten en de GeorgiŽrs, zoals tijdens de Russische burgeroorlog van 1918-1921. Gemengde huwelijken zijn heel gewoon. Bovendien wonen er volgens de GeorgiŽrs nu nog steeds meer Osseten buiten Zuid-OssetiŽ dan erbinnen en hoewel er wel sprake is van discriminatie (de minderhedenrechten zijn nog steeds niet goed beschermd in GeorgiŽ) kan een Osseet zonder veel problemen vrij rondlopen in Tbilisi.

Het is in hoge mate een geconstrueerd etnisch conflict en zoals ook bij de andere conflicten in de regio terug te voeren op de begintijd van de Sovjet-Unie, toen de administratieve grenzen binnen het land werden vastgesteld. De Osseten werden verdeeld over twee sovjetrepublieken: de Osseten aan de Georgische kant van de Kaukasus kregen een Autonome Provincie binnen de Georgische Socialistische Sovjetrepubliek, de Osseten aan de Russische kant werden als Autonome Sovjetrepubliek onderdeel van de Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek.

Aangezien ten tijde van de Sovjet-Unie het slechts een administratieve binnengrens was, hadden de bewoners van de regio in de praktijk weinig last van de tweedeling. Veel inwoners van Zuid-OssetiŽ hadden (en hebben) familie wonen in Noord-OssetiŽ en deden (en doen) hun boodschappen in Vladikavkaz.

De tweedeling werd pas een probleem toen de Sovjet-Unie uit elkaar viel en de Osseten in twee onafhankelijke landen kwamen te wonen. De lont in het kruitvat werd aangestoken door Zviad Gamsachoerdia, de eerste president van het onafhankelijke GeorgiŽ. Hij introduceerde de slogan 'GeorgiŽ voor de GeorgiŽrs' en een van zijn daden om dit voor elkaar te krijgen was het afschaffen van de autonome status van Zuid-OssetiŽ binnen GeorgiŽ.

In 1991 vielen Georgische troepen Zuid-OssetiŽ binnen, wat resulteerde in achttien maanden oorlog met ongeveer duizend doden en duizenden Georgische en Ossetische vluchtelingen. Na een Russische interventie tekende de nieuwe Georgische president Edoeard Sjevardnadze in 1992 een staakt-het-vuren met de Russische president Boris Jeltsin. De situatie in de regio bleef als 'bevroren conflict' tot 2004 min of meer stabiel. Het normale leven - de handel (waaronder ook veel smokkel vanuit Rusland), reizen door het gebied - kon weer een beetje doorgaan.

Vlak na de Georgische Rozenrevolutie en de inauguratie van MichaÔl Sakaasjvili als president in 2004, vielen Georgische troepen Zuid-OssetiŽ echter weer aan. Na acht dagen strijd waren er weer talloze doden te betreuren. In augustus 2008 kwam het dus opnieuw tot een treffen tussen GeorgiŽrs en Zuid-Osseten.

Rusland heeft in de regio regelmatig een politiek van verdeel-en-heers gevoerd. Het heeft de laatste jaren Zuid-OssetiŽ steeds verder Rusland ingetrokken. Veel Osseten hebben een Russisch paspoort gekregen; pensioenen en salarissen worden betaald uit de Russische schatkist. Verder zitten er verschillende Russen en Noord-Osseten in leidende posities in de Zuid-Ossetische overheid die eerder in het Russische leger dienden of voor de Russische veiligheidsdiensten hebben gewerkt. Deze mensen worden door de Osseten 'invitťs' genoemd.

Tijdens de Russische verkiezingen werden de Zuid-Osseten opgeroepen ook op Poetin te stemmen: 'De Verenigd Rusland Partij - Vladimir Vladimirovitsj Poetin - Zeg "Ja" tegen vrede en stabiliteit' stond er op verkiezingsbillboards in Tschinvali. Rusland heeft ook het monopolie op de wederopbouw van Zuid-OssetiŽ na de oorlog opgeŽist. Westerse donoren en hulporganisaties zijn niet welkom.

Aan de andere kant is Zuid-OssetiŽ opgetuigd met alles wat een 'echt' land behoort te hebben: regelmatige verkiezingen, een president, een parlement, ministeries, enzovoorts. Toen Edoeard Kokoity vlak na de oorlog iets te enthousiast riep dat hij verwachtte dat Zuid-OssetiŽ zich spoedig zou aansluiten bij de Russische Federatie, moest hij dat onder druk van Moskou direct terugnemen. Zuid-OssetiŽ moest onafhankelijk blijven.

De vraag is dus of de Osseten zelf wel vinden dat Zuid-OssetiŽ een onafhankelijk land zou moeten zijn. Er zijn van oudsher twee hoofdstromingen te onderscheiden: de eerste stroming streeft naar onafhankelijkheid, liefst samen met Noord-OssetiŽ als 'Alania', maar kiest vanwege het dreigende gevaar vanuit GeorgiŽ op dit moment liever voor de bescherming van Rusland.

De tweede stroming vindt onafhankelijkheid Łberhaupt niet reŽel omdat het land te klein is om zelfstandig te bestaan. Zij kiest echter voor aansluiting bij de Russische Federatie in plaats van GeorgiŽ op pragmatische gronden: meer veiligheid en grotere economische kansen. Bovendien zou dit ook een hereniging met het broedervolk in Noord-OssetiŽ betekenen.

Rusland heeft vanzelfsprekend zijn eigen belangen in de regio. Waarschijnlijk klopt het dat het Rusland niet in de eerste plaats gaat om het welzijn van de Ossetische burgers, maar in de ogen van de meeste Osseten is Rusland toch de garantie voor hun persoonlijke veiligheid - in de drie oorlogen in de afgelopen achttien jaar waren het steeds de GeorgiŽrs die hen aanvielen en de Russen die voor hen opkwamen en hun bescherming boden tegen de Georgische troepen. Dat de Zuid-Osseten zelf de GeorgiŽrs ook voortdurend provoceerden met tal van gewelddadige acties, vergeten de Zuid-Osseten en Russen liever.

Nu de veiligheid voor de Osseten min of meer gegarandeerd is, zal de aandacht verschuiven naar andere belangrijke zaken: wederopbouw, economische ontwikkeling, toegang tot de wereld. De mate waarin de Russische Federatie zal leveren wat ze beloofde, zal uitmaken in hoeverre de liefde standhoudt. De eerste signalen zijn niet erg positief: er zijn al berichten over frustraties vanwege de trage hulpverlening en wederopbouw via corrupte Russische instellingen op internet te lezenÖ

Guido de Graaf Bierbrauwer is programmaleider Zuidelijke Kaukasus, IKV Pax Christi

Omhoog
Terug naar archief